YSSELSTEYN – Jera On Air blijft groeien en groeien. Op de tweeëntwintigste editie is het niet anders. Het punkrock- en hardcorefestival pakt uit met een groter terrein, een groter bezoekersaantal en vooral een grotere line-up. Het vooruitzicht is veelbelovend, maar maakt het festival de verwachtingen ook waar?

Tekst door Sebastiaan van den Bovenkamp / foto’s door Yvon van Horck

Vrijdag 13 juni is een heuglijke dag geworden. Niet alleen wist het Nederlands elftal een prestatie van wereldformaat neer te zetten door wereldkampioen Spanje met 5-1 te verslaan, maar het was ook de aftrap van Jera On Air. Het Ysselsteynse festival is de afgelopen tweeëntwintig jaar uitgegroeid tot een evenement waar vele liefhebbers van punkrock, hardcore en metalcore naar uitkijken. De bezoekers kwamen dan ook uit alle uithoeken: België, Duitsland en zelfs Slovenië.

Het Brabantse Note To Amy had de eer om het festival te mogen openen in de Punkbrockbar, het kleine podium gesponsord door brokkenfabrikant Vitelia. Het vijftal was een van de bands van de White Russian Record-showcase. Met name het Keldonkse The 101’s maakte hierbij indruk. De punkrockband wist met hun energieke optreden vele zieltjes te winnen in de piepkleine tent. Het optreden van Screw Houston, Start Screaming! mag ook niet vergeten worden. De passie van de melodische hardcoreband was ongeëvenaard. Frontman Roelof de Brouwer had een doodsblik in zijn ogen… Het grote geweld vond echter plaats op het andere podium, de Large Rockhand Stage. Evenals Van Persie zette de Rotterdamse hardcoreband All For Nothing, opgeroepen als vervanger voor AYS, Nederland op de kaart. De band past moeiteloos tussen internationale topacts als Madball, Terror en Jera On Air-headliner Hatebreed. Het geweld kreeg een vervolg met energieke optredens van bijvoorbeeld The Black Dahlia Murder maar met name van Architects. De Britse metalcoreband is een graag geziene gast op de Nederlandse podia en maakte deze reputatie meer dan waar. Alle ogen waren gericht op frontman Sam Carter zodra hij zijn strot open trok. Ongetwijfeld een van de hoogtepunten voor de bezoekers van de eerste avond. De openingsdag eindigde echter waarmee het begon: punkrock. De entree van het Amerikaanse Zebrahead werd ingeluid met de themasong van Team America. F*ck yeah. De veteranen, in het verleden populair met de bescheiden hit “Playmate Of The Year”, sloot de avond af met een foutloos optreden en stuurde de bezoekers met een gerust hart terug naar de camping.

De volgende dag werden de slaperige ogen eens goed wakker geschuld door de brute metal van For I Am King. De winnaar van de Guts & Glory-bandwedstrijd verraste vriend en vijand door het imponerende optreden van frontvrouw Alma. Als een wolf in schaapskleren wist het tengere meisje meer geluid te produceren dan tien hitsige bouwvakkers. Het was het startsignaal voor meer Nederlandse glorie. De twee grootste podia werden bevolkt door achtereenvolgens Call It Off, The Charm The Fury en Antillectual. Hoewel de genres uiteenliepen (poppunk, metalcore en punkrock) was de menigte bijzonder enthousiast over de optredens van de drie bands. Met name de terugkeer van de The Charm The Fury (in 2012 stonden zij ook op Jera On Air) werd luidkeels begroet door de vele mensen in de volgepakte tent.
Sommige mensen kozen er echter voor om het gitaargeweld van onder andere Emmure en We Came As Romans, inclusief Daniel Radcliffe-lookalike, te ontwijken en zochten ontspanning bij bijvoorbeeld de Hubbly Bubbly Bar, een hoekje waar de bezoekers konden genieten van een comfortabele en een waterpijp. Anderen zochten juist weer de drukte op in de Bird’s Nest met optredens van internationale topacts als Dirtcaps en Black Sun Empire.

Om stipt 16:00 uur stroomden de bezoekers echter massaal richting de Impericon Mainstage: Dropkick Murphys begon. De Amerikaanse punkband met Ierse roots was een van de grootste publiekstrekkers van Jera On Air. Massa’s mensen stonden mee te zingen met vocalist Al Barr. Anderhalf uur lang bestond er geen oorlog of ziekte op het stukje grond in Ysselsteyn. Alleen puur plezier.

Met de laatste klanken van Dropkick Murphys kroop Jera On Air naar het einde, maar evenals de zenuwslopende wedstrijd tegen Spanje zat ook hier het venijn in de staart. De Amerikaanse metalcore-act Of Mice & Men leverde een wereldprestatie. De bezoekers puilden werkelijk de tent uit. Ook deze band wilden ze absoluut niet missen. De charismatische frontman Austin Carlile betoverde het publiek met een glimlach, maar wist ook de brute metalcore met zijn stem te ondersteunen. De gele kip in het publiek ging er in ieder geval hard op.

De afsluiter van de Large Rockhand Stage was letlive., een unieke band. Als er foto’s in de Dikke van Dale zouden staan, zou frontman Jason Butler naast het woord ‘chaos’ staan. Butler was werkelijk overal te vinden: in de steiger, in het publiek en zelfs op een drumstel. Vele bezoekers waren geboeid, maar een groot gedeelte sloop toch weg naar het andere podium. Met Hatebreed kreeg het publiek namelijk wat het verdiende: een waardige afsluiter. De Amerikaanse hardcoreband deed alles wat er van hen verwacht: ze waren strak, professioneel en vooral snoeihard. Het enthousiasme onder het publiek was enorm en dat kon frontman Jamey Jasta wel waarderen. “Thank you for being so great.” Dat was het ook. Jera On Air was groots. Met deze indrukwekkende line-up is Limburg definitief een festival van internationale faam rijker en als we organisator Sjoerd Ewals mogen geloven, ziet de toekomst er zonnig uit. Nederland mag trots zijn.

Over de auteur

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.